Allegorie op de vrede en de welvaart (bovendeurstuk)

1730, Adriaan van der Burgh (1693-1733)

De zittende vrouw houdt in haar linkerhand een olijftak. Wat aangeeft dat het hier gaat om niet zomaar een vrouw, maar om het begrip ‘ Vrede’. Achter haar zit een half ontblote man met vastgebonden handen en wilde haren. Rondom deze man zijn een trommel, helm, lansen en een vaandel te zien. Dit zijn allemaal dingen die verwijzen naar de oorlog.  Op de voorgrond liggen een omgevallen zilveren beker en een met vruchten gevulde hoorn, ‘de hoorn van overvloed’. Deze voorwerpen of attributen staan symbool voor overvloed en rijkdom, zaken die alleen kunnen bloeien in tijden van vrede.

Sluit het Verborgen Museum